Mark

PrintVerstuur per e-mail

Mark Mesman (1977) is algemeen directeur van Voedingsadviesbureau De Winter.

Creatieve geest

‘In de praktijk zet ik me in voor innovatie en samenwerkingsprojecten met andere organisaties binnen de regio. Zo ben ik betrokken bij het opzetten van ketenzorg en organiseer ik voorlichtingen en cursussen voor scholen, sportcentra of zorginstellingen.

Van huis uit ben ik boekhouder. Later heb ik een eigen onderneming opgericht als webdesigner en internetmarketeer. Voedingsadviesbureau De Winter was oorspronkelijk de praktijk van mijn echtgenote Anne Mesman-de Winter, zelf diëtist. Toen haar praktijk zodanig ging groeien dat ze bijna fulltime bezig was met managementtaken, heb ik mijn eigen bedrijf overgedragen en ben ik in de diëtistenpraktijk gestapt.

Het is een beslissing waar ik nog steeds volledig achtersta. In deze functie kan ik mijn ambities kwijt. Anne kan zich weer volledig richten op haar rol als diëtist, terwijl ik de wegen uitstippel voor verdere groei en profilering van de organisatie. We vullen elkaar perfect aan. Ik heb een bedrijfsmatige achtergrond, en Anne is vakinhoudelijk de specialist. Terwijl ik de creatieve geest ben, altijd in voor nieuwe ideeën en soms een tikkeltje chaotisch, is Anne praktisch en realistisch aangelegd. Ze is een sterke planner.’

In voor innovatie

’Juist door actief met elkaar samen te werken, kun je de zorg in de regio verbeteren.’

‘Ik ben altijd op zoek naar mogelijkheden voor innovatie. Zo hebben we veel contact met het Spaarne Ziekenhuis, waar we als eerste diëtistenpraktijk deelnemen aan de elektronische gegevensuitwisseling via Zorgmail. Daarnaast verdiep ik me ook in andere mogelijkheden voor digitale communicatie en uitwisseling van gegevens, om de behandeling bij bepaalde ziektebeelden nog verder te optimaliseren.

Natuurlijk staat in de praktijk de kwaliteit van de dieetbegeleiding voorop. Juist doordat de diëtisten zich niet met organisatorische en administratieve zaken bezig hoeven te houden – die neem ik ze immers uit handen – kunnen ze zich daar volledig op richten. Ondertussen heb ik de ruimte om nieuwe projecten op te zetten, en in te springen op ontwikkelingen die in de maatschappij gaande zijn. 

Door de taken binnen de praktijk zo goed mogelijk te verdelen, kan er veel van de grond komen. We overleggen regelmatig met zorgverzekeraars en andere organisaties in de zorg- en voedingssector. Ook willen we graag meer gaan betekenen voor bijvoorbeeld gemeentes en GGD’s. Juist door actief met elkaar samen te werken, kun je de zorg in de regio verbeteren.’